maar de kennis ontbreekt bij opdrachtgevers en adviseurs

 

Twee jaar lang zetten Aboma en Bouwend Nederland zich in voor veiligheid ‘aan de voorkant’. Conclusie? Het kennisniveau bij opdrachtgevers en adviseurs moet flink omhoog en “een aannemer mag best kritisch zijn naar de opdrachtgever.”

Aan de voorkant beginnen: dat was het doel van de voucheractie ‘Veiligheid aan de Voorkant’ van Bouwend Nederland. In samenwerking met Aboma konden bouwteams gratis advies krijgen op hun voorlopige ontwerp. “Hoe kan het ontwerp nog aangepast worden zodat het ook veilig uitvoerbaar is?” zegt Reina Uittenbogaard, programmamanager veiligheid bij Bouwend Nederland.

“En ook als het bouwwerk er eenmaal is, dat het ook veilig te onderhouden is? Beginnen bij de bron. Dat was de gedachte van het initiatief.”

Niet bewust
Daarnaast stond de samenwerking in de keten centraal; alleen bouwteams kwamen in aanmerking. “Je moet het als aannemer en opdrachtgever met elkaar regelen”, zegt Uittenbogaard.

“Je hebt allebei een rol. We hadden wel het beeld dat opdrachtgevers zich niet altijd bewust waren van die rol. Dus we wilden graag een project opstarten aan de voorkant.”

Yes we can
Het project is nu op zijn einde, en uiteindelijk zijn er 33 adviestrajecten afgerond. Conclusie: er valt nog flink winst te behalen bij opdrachtgevers. Zo zijn opdrachtgevers zich vaak niet eens bewust van de verantwoordelijkheden die zij hebben, merkte Aboma-adviseur Max Oostendorp. En dat terwijl zij wettelijk verantwoordelijk zijn voor de ontwerpfase.

“Qua bewustwording zit de grootste winst bij de opdrachtgever”, zegt Oostendorp. “Die is zich geregeld niet bewust van zijn wettelijke rol. En de opdrachtnemer, de aannemer, die doet het gewoon. Het antwoord is over het algemeen ‘Yes we can’, en nooit ‘nee, dat doen we niet.’”

Oostendorp legde die rollen voor het hele bouwproces dus ook uit in de presentatie die hij gaf aan het bouwteam waar hij een adviestraject startte. “De opdrachtgevers waren vaak onbewust onbekwaam.”

Naast de verduidelijking van de taken, konden ook knelpunten in het ontwerp worden benoemd en opgelost. “Zo kan er bijvoorbeeld een torenflat zijn bedacht, waarbij blijkt dat de ramen niet veilig te onderhouden zijn. Dat is een knelpunt dat we benoemen. Dan zie je meteen een verbeterproces.”

Kennis uitbesteed
Ook zaken als V&G-plannen en V&G-dossiers waren niet goed geregeld. Soms deugden ze niet helemaal, en regelmatig waren ze er überhaupt niet. Omdat de kennis op het gebied van veiligheid dus ontbreekt bij veel opdrachtgevers, bleken de trajecten erg nuttig voor de bouwteams.

Probleem is dat veel kennis ook wordt uitbesteed of belegd bij andere partijen, zoals bij architecten of bouwbegeleidingsbureaus, zegt Oostendorp. Hij noemt als voorbeeld dat ook grote woningcorporaties, de grootste opdrachtgevers voor de bouwsector, meestal zelf geen veiligheidskundigen in dienst hebben.

Maar de wettelijke verantwoordelijkheid voor de ontwerpfase blijft bij de opdrachtgever liggen. “Je kunt alleen taken delegeren, nooit verantwoordelijkheden”, zegt Oostendorp.

Veiligere bouw
En uiteindelijk gaat het ook niet om die wettelijke verantwoordelijkheid, vult Uittenbogaard aan.

“Het gaat niet om: ‘Opdrachtgever pas op, dadelijk krijg je een boete.’ Het doel is dat de bouw veiliger wordt. We willen niet mensen om de oren slaan met wetgeving, maar het gaat erom dat je samen oplossingen gaat bedenken. Waardoor het werk veiliger is uit te voeren en er minder ongevallen gebeuren. Zo simpel is het.”

Maar de adviseurs die opdrachtgevers inzetten, zoals architecten, spelen dus wel een belangrijke rol, zegt Uittenbogaard. “Die dragen dan misschien niet zelf de directe verantwoordelijkheid, want de wet legt die bij de opdrachtgever neer, maar die zouden de opdrachtgever wel meer moeten adviseren wat er op het veiligheidsvlak kan gebeuren. Dus ook daar valt nog wel wat te winnen.”

Weinig kennis
Al ontbreekt ook daar kennis, ziet Oostendorp. “Die architecten moeten veilig ontwerpen, in lijn met richtlijnen voor veilig gevelonderhoud en de Richtlijn Bouw- en Sloopveiligheid. Die worden vaak niet gebruikt. Dus er is inderdaad weinig kennis.”

Dat begint ook bij de opleidingen. Zelf heeft Oostendorp vroeger op de hts niks over veiligheid geleerd en ook nu ziet hij dat de studenten van de TU’s maar weinig leren over veiligheid. “Dat vind ik echt heel jammer, want zij ontwerpen het.”

Geen discussiepunt
Ondanks het soms nogal tegenvallende kennisniveau bij de partijen in de bouwteams waren de reacties van de deelnemers positief. Uittenbogaard benadrukt dat opdrachtgevers zelf ook willen dat het werk veilig wordt uitgevoerd. Dat is geen discussiepunt.

“Dus zij waren ook blij om daar tips in te krijgen. En onze voucheractie is afgerond, maar dat betekent natuurlijk niet dat je niet nog steeds een veiligheidsadviseur kan inschakelen om dit te doen. Dat is eigenlijk de oproep die we willen doen.”

Kosten verdampen
Maar zien opdrachtgevers dat wel zitten? Kost dat niet veel geld? “De kosten van een veiligheidskundige, wat je dus ook intern kunt regelen, verdampen op de faalkosten”, zegt Oostendorp. “Samen kun je er heel goed uitkomen. Vaak komen opdrachtgevers en aannemers ook bij ons terug omdat ze zich realiseren dat ze het beter aan de voorkant kunnen oplossen.”

Oostendorp legt uit dat hij als adviseur ook regelmatig op de bouwplaats komt, maar eigenlijk gaat het dan vaak om damage control: “Onveiligheid in de bouwfase wordt veelal veroorzaakt vanuit het ontwerp, daar worden veel van de keuzes al gemaakt.”

Aannemer betrekken
De aannemers moeten dus ook hun rol pakken, benadrukt Uittenbogaard. De aannemer weet het beste hoe iets uitgevoerd moet worden. “Een aannemer mag best kritisch zijn richting de opdrachtgever en het gesprek aan durven gaan”, zegt Uittenbogaard.

“Dat kan een drempel zijn. De relatie is natuurlijk heel belangrijk voor zo’n aannemer. Maar op het moment dat de aannemer al helemaal in het ontwerpstadium betrokken is, kan hij ook daar zijn kennis inbrengen. En dat is ook een van de voordelen van in een bouwteam werken, dan is die mogelijkheid er nog.”

Uiteindelijk begint het dus bij bewustwording bij alle betrokken partijen over wat hun rol is. “Dan ben je nog niet competent”, zegt Oostendorp. “Maar daar begint het mee.”

(Cobouw)

Terug

Meer weten? Vul het formulier in en we nemen contact op.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.